Hartcoherentie TrainingHoe Werkt Het
Veel functies in ons lichaam worden volledig automatisch en onbewust aangestuurd; voorbeelden hiervan zijn de lichaamstemperatuur, de hormoonhuishouding, het immuunsysteem, de spijsvertering, de ademhaling en de hartslag. Over dat soort functies hoeven we niet na te denken. Het autonome zenuwstelsel is verantwoordelijk voor het handhaven van de juiste balans van de bovengenoemde lichaamsfuncties. Dit autonome zenuwstelsel bestaat uit twee delen die elkaar in evenwicht behoren te houden; het activerende deel - het sympathische zenuwstelsel - en het rustgevende deel - het parasympathische zenuwstelsel. Er wordt ook wel naar verwezen als respectievelijk het "gaspedaal" en het "rempedaal" van ons lichaam.
Als het lichaam moet worden voorbereid op inactiviteit (rust en ontspanning), bijvoorbeeld als je gaat slapen of als je moe begint te worden, dan wordt het "rempedaal" ingedrukt. Op dit moment gaat je hart langzamer kloppen, vindt er vasodilatatie (verwijding van de bloedvaten) plaats in de vingers waardoor het bloedvolume en je handtemperatuur stijgt en je bloed wordt minder naar de spieren geleid en meer naar bijvoorbeeld het verteringsstelsel. Bij kinderen is het ook vaak te zien aan rode oren. Verder ga je minder snel en dieper ademhalen, je spierspanning neemt af en je gaat minder zweten. Op dit moment heeft het parasympathische zenuwstelsel de overhand in je lichaam.
Homeostase, oftewel evenwicht, wordt bereikt door een balans in het autonome zenuwstelsel, tussen het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel. Deze balans zorgt ervoor dat wij ons snel kunnen aanpassen aan een veranderende omgeving. Ons "gaspedaal" en ons "rempedaal" moeten goed op elkaar afgestemd zijn en beide moeten even sterk zijn om elkaar in evenwicht te houden. OnbalansTop
Het kan gebeuren dat deze balans in het autonome zenuwstelsel verstoord raakt. In de huidige maatschappij wordt er door drukte op het werk, in het verkeer of in het privéleven, steeds een beroep gedaan op ons "gaspedaal". Dit "gaspedaal" wordt steeds een klein beetje verder ingetrapt en mensen hebben vaak niet eens door dat ze extra op het "gaspedaal" trappen en zijn als het ware vergeten hoe ver het "gaspedaal" al ingedrukt is. Deze chronische vraag naar extra activiteit, gekoppeld aan een overmatige activiteit van het sympathische zenuwstelsel, veroorzaakt op termijn een scheve maar wel stabiele balans tussen het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel. Dit zal leiden tot een suboptimaal niveau van homeostase van het interne milieu. Er zijn steeds meer aanwijzingen dat veel "moderne" ziekten hun oorsprong hebben in de verstoring van de balans van het autonome zenuwstelsel, waarbij er vaak te veel invloed is van het sympathische zenuwstelsel ten koste van het parasympathische zenuwstelsel. Er is een hoge correlatie tussen onevenredig hoge activiteit van het sympathische zenuwstelsel enerzijds en angst, depressie, aandachtsstoornissen, chronische spierspanning, slaapproblemen en hoge bloeddruk anderzijds. Andere indicatoren van een verhoogde activiteit van het sympathische zenuwstelsel zijn onder andere een verhoogde hartslag, een verlaagde handtemperatuur, een verhoogde huidgeleiding en een verhoogde bèta-activiteit in de hersenen. Chronische stressTop
en dus de chronische activiteit van het sympathische zenuwstelsel, veroorzaakt angst en depressie. Het heeft ook een negatieve invloed op ons lichaam: slapeloosheid, rimpels, hoge bloeddruk, hartkloppingen, rugpijn, huid- en darmproblemen, chronische ontstekingen, onvruchtbaarheid en seksuele impotentie worden allemaal veroorzaakt of verergerd door stress. Uiteindelijk beïnvloedt chronische stress de sociale relaties en professionele vaardigheden doordat het irritaties, slechte luistervaardigheid, zwakke concentratie, terugtrekken en het verlies van teamspirit oproept. Vaak wordt tijdens deze situaties de focus op externe oorzaken gericht: "Als ik dit en dat zou kunnen veranderen, zou ik me veel beter voelen". We dromen dat het later beter zal gaan. Helaas werkt het vaak niet zo. Het probleem moet omgedraaid worden. In plaats van het continu proberen om de ideale omstandigheden te creëren, moeten we beginnen met de controle te krijgen over wat binnen in ons afspeelt - onze fysiologie. Door het verminderen van de fysiologische chaos en het maximaliseren van de coherentie, voelen we ons automatisch beter. We verbeteren de relaties met anderen, onze concentratie, onze vaardigheden. Geleidelijk zullen de ideale omstandigheden die we continu zoeken vanzelf komen opzetten. Als we eenmaal de controle over onze eigen fysiologie hebben gekregen, zal hetgeen wat in de buitenwereld gebeurt minder grip op ons hebben. En we hebben een betere grip op onze wereld. Het hart-brein-systeemTop
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ons "gaspedaal" en ons "rempedaal" beter op elkaar afgestemd worden, weer in harmonie met elkaar komen? Het antwoord ligt in de relatie tussen de hersenen en het hart. De sterkste relatie tussen de hersenen en het hart is namelijk het autonome zenuwstelsel. In het hart-brein-systeem beïnvloeden de twee organen elkaar continu. Denk nogmaals terug aan het voorbeeld van schrikken: als je schrikt (wat strikt genomen in je hersenen gebeurt), gaat je hart sneller kloppen. Maar het hart doet meer dan zich enkel aan de invloed van het autonome zenuwstelsel aanpassen; het zendt ook signalen terug naar de hersenen waarmee het de hersenactiviteit kan beïnvloeden. Hartritme variabiliteit en hartcoherentie trainingTop
Normaal gesproken wordt het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel steeds afwisselend geactiveerd. Bij inademing wordt ons sympathische zenuwstelsel geactiveerd en bij uitademing wordt ons parasympathische zenuwstelsel geactiveerd. Als gevolg daarvan verhoogt onze hartslag wanneer we inademen - het hart gaat sneller kloppen - en wanneer we uitademen verlaagt onze hartslag - het hart gaat trager kloppen. Bij gezonde personen slaat het hart dus niet met de regelmaat van de klok, maar verschilt de tijd tussen twee hartslagen voortdurend. Deze schijnbare onregelmatigheid duidt bij gezonde personen dan ook niet op een hartritmestoornis, maar is het gevolg van een goed functionerende aanpassing van de hartfrequentie aan actuele omstandigheden van het hart en de bloedvaten. Een teken dat ons "gaspedaal" en ons "rempedaal" goed werken. Het verschil tussen de hartslag tijdens inademen en de hartslag tijdens uitademen wordt de hartritme variabiliteit genoemd. Deze hartritme variabiliteit, of hartcoherentie, is indicatief voor de autonome status van ons lichaam. Wanneer we ontspannen zijn is de hartcoherentie groter, wanneer we gespannen zijn zal de hartcoherentie afnemen en wanneer we zeer angstig of gestrest zijn zal de hartcoherentie geheel afwezig zijn. Een lage hartcoherentie (kleine hartritme variabiliteit) wordt dus geassocieerd met onbalans en een relatief hogere hartcoherentie (grote hartritme variabiliteit) wordt dus geassocieerd met een balans tussen het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel. Het doel is dus om het verschil tussen de hartslag wanneer je inademt en de hartslag wanneer je uitademt, zo groot mogelijk te maken, wat zich zal uiten in een hogere hartcoherentie. De mate van hartcoherentie wordt ook wel gezien als een maat van psycho-fysiologische flexibiliteit, die tot uiting komt op lichamelijk, mentaal en emotioneel vlak. Al in de derde eeuw voor Christus werd er gesproken over de relatie tussen de ademhaling en de hartslag, in de oudste medische tekst die beschikbaar is, 'The Yellow Emperor's Classic on Internal Chinese Medicine'. Deze oude Chinezen gingen ervan uit dat gezondheid ontstaat door het harmoniseren van de ademhaling en de bloedcirculatie. Ademhalen heeft, door zijn effect op de bloedstroom en slagaderlijke druk, omgekeerd ook zijn effect op het autonome zenuwstelsel. Wanneer je snel, oppervlakkig en asynchroon adem haalt, wordt de pompende actie van de thoracale holte sterk gereduceerd. Het autonome zenuwstelsel compenseert dit door de hartslag te verhogen, de hart output te verhogen en de vasculaire capaciteit te verlagen. Dit wordt bereikt door het sympathische zenuwstelsel meer te activeren en het parasympathische zenuwstelsel minder te activeren. Tijdens hartcoherentie training leer je adem te halen op je persoonlijke resonantie frequentie. Door op deze optimale snelheid te ademhalen, zullen je middenrif en de spieren tussen je ribben een groot deel van het werk om het bloed in je lichaam rond te pompen op zich nemen, waardoor je hart en je vasculaire systeem ontzien worden. Tegelijkertijd zal je autonome zenuwstelsel de snelheid van de hartslag, de output van het hart en de vasculaire capaciteit aanpassen, zodat deze ook synchroon gaan lopen met de ademhaling. Het gevolg van deze ademhalingsoefeningen tijdens de hartcoherentie training is dat het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel in gelijke mate geactiveerd zullen worden zodra je op je optimale frequentie ademhaalt; een staat van homeostase die het autonome zenuwstelsel graag wilt bereiken. Waarom hartcoherentie training?Top
Hartcoherentie training zorgt ervoor dat ons hartritme meer coherent wordt waardoor onze hersenen sneller en meer accuraat gaan werken. Tijdens alledaagse situaties merken we dat onze ideeën natuurlijk binnenstromen, we kunnen gemakkelijk de woorden vinden die we willen zeggen en onze bewegingen zijn zeker en effectief. Na het volgen van hartcoherentie training merk je dat je je steeds gemakkelijker kan aanpassen aan onvoorziene omstandigheden. Onze fysiologie is in balans, open voor de wereld en in staat om oplossingen te vinden als we deze nodig hebben. Hartcoherentie training voegt een aantal oude wijsheden en traditionele technieken samen die ook gebruikt worden bij yoga, meditatie, mindfulness en ontspanningsoefeningen. Hoewel yoga en meditatie ook goede manieren zijn om tot rust te komen, is het bij deze technieken wenselijk om jezelf van de wereld om ons heen af te sluiten en dat de omgeving rustig en kalm is. Bij hartcoherentie training is juist het tegenovergestelde het geval; hartcoherentie training kunnen we op ieder moment toepassen en in de staat van coherentie hebben we juist een betere grip op de wereld om ons heen! Wanneer je in een stressvolle situatie zit, is het vaak niet mogelijk om een kwartiertje te gaan mediteren. Door het oefenen van het versterken van je hartcoherentie, kan je jezelf met deze methode wel ter plekke in een rustige staat brengen.
OnderzoekDiverse studies hebben aangetoond dat patiënten met een depressie of een angststoornis een verlaagde hartritme variabiliteit hebben in vergelijking met gezonde controle personen. Een greep uit deze studies:
Daarnaast zijn er enkele onderzoeken gedaan naar wat nu het effect van ademhalingsoefeningen in combinatie met biofeedback is op de hartritme variabiliteit. Er zijn veelbelovende resultaten gevonden; het blijkt dat hartcoherentie training inderdaad leidt tot een verhoging van de hartritme variabiliteit en dat de patiënten zich ook klinisch beter voelen. Enkele van deze onderzoeken:
Referenties: Henje Blom, E., Olsson, E.M., Serlachius, E., Ericson, M., & Ingvar, M. (2010). Heart rate variability (HRV) in adolescent females with anxiety disorders and major depressive disorder. Acta Paediatrica, 99, 604-611. Karavidas, M., Lehrer, P.M., Vaschillo, E., Vaschillo, B., Marin, H., Buyske, S., Malinovsky, I., Radvanski, D., & Hassett, A. (2007). Preliminary results of an open label study of heart rate variability biofeedback for the treatment of major depression. Applied Psychophysiology and Biofeedback, 32, 19-30. Licht, C.M.M., de Geus, E.J.C., Zitman, F.G., Hoogendijk, W.J.G., van Dyck, R., & Penninx, B.W.J.H. (2008). Association between major depressive disorder and heart rate variability in the Netherlands Study of Depression and Anxiety (NESDA). Archives of General Psychiatry, 65, 12, 1358-1367. Licht, C.M.M., de Geus, E.J.C., van Dyck, R., & Penninx, B.W.J.H. (2009). Association between anxiety disorders and heart rate variability in the Netherlands Study of Depression and Anxiety (NESDA). Psychosomatic Medicine, 71, 508-518. Pop-Jordanova, N. (2009. Heart rate variability in the assessment and biofeedback training of common mental health problems in children. Medical Archives, 63, 5, 248-252. Shinba, T., Kariya, N., Matsui, Y., Ozawa, N., Matsuda, Y., & Yamamoto, K. (2008). Decrease in heart rate variability response to task is related to anxiety and depressiveness in normal subjects. Psyhciatry and Clinical Neuroscience, 62, 603-609. Siepmann, M., Aykac, V., Unterdörfer, J., Petrowski, K., & Mueck-Weymann, M. (2008). A pilot study on the effects of heart rate variability biofeedback in patients with depression and in healthy subjects. Applied Psychophysiology and Biofeedback, 33, 195-201. Zucker, T.L., Samuelson, K.W., Muench, F., Greenberg, M.A., & Gevirtz, R.N. (2009). The effects of respiratory sinus arrhythmia biofeedback on heart rate variability and posttraumatic stress disorder symptoms: A pilot study. Applied Psychophysiology and Biofeedback, 34, 135-143. Waarbij GeschiktHet autonome zenuwstelsel kan zich snel en gemakkelijk aanpassen en zorgt ervoor dat je in balans blijft, ook wanneer je stress ervaart. Wanneer deze flexibiliteit afwezig is kan dit leiden tot somatische en psychologische aandoeningen. Meerdere studies hebben aangetoond dat patiënten met een depressie of een angststoornis een verlaagde hartritme variabiliteit hebben in vergelijking met gezonde personen. Dit wil dus zeggen dat hun autonome zenuwstelsel niet flexibel meer is en dat zij continu in een staat van sympathische activiteit verkeren. Deze groep patiënten is erg gebaat bij hartcoherentie training (zie ook sectie onderzoek). Naast verbeteringen bij depressie, diverse angststoornissen en slaapproblemen heeft het consequent volgen van de hartcoherentie training ook geresulteerd in verbeteringen bij onder meer vermoeidheidsklachten, hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, chronische boosheidgevoelens, migraine, astma, hartkloppingen en leerstoornissen. |
||









